Geachte Shirley

Geachte Shirley

zoals ik al zei: de ene helft van Nederland ging naar de motorbeurs in Utrecht, op zondag, net als Wingman, bromsnor en ik, en dus stonden we een uur in de file in Utrecht, voordat we op een bijna vol parkeerterrein een briefje in ons handen gedrukt kregen met het adres van een parkeerplaats verderop, waarvandaan een bus ons voor 2 euro per persoon naar de hoofdingang van de Jaarbeurs zou brengen.

Door dezelfde file als waar we zelf net uit waren. En dus zochten we nog even verder, tot we een gratis parkeerplek hadden gevonden op anderhalve kilometer loopafstand van de ingang. Na al dat getreuzel tussen de vierwielers, was het dan eindelijk tijd voor de tweewielers. We hadden een paar punten op het lijstje staan, waaronder oordopjes laten aanmeten (wat is gelukt), stoere motorlaarzen kopen voor Wingman (wat ook lukte), en een weekje vakantie reserveren in het Blue Mountain Hotel www.bluemountainhotel.at. Ondertussen keken we onze ogen uit bij alle glimmende machines, café racers, choppers en bobbers, en maakten we een praatje met de instructeur van RoAD bergtraining www.verkeersschoolroad.nl die een paaldansende Ducati in z’n stand had staan. Er was genoeg te zien, van motors tot onderdelen, van aparte mensen tot country-achtige horecahoekjes en diverse stuntshows, waar we helaas te laat voor waren, want tegen de tijd dat we daar aan toe waren, werd de boel alweer ingepakt. Ondertussen werd het ook wat rustiger, waardoor we nog beter konden kijken naar de grote stand van Honda. De wingmachines stonden ruim opgesteld, en dat ene model waar ik graag naar wou kijken, hadden we dan ook al snel gevonden: de nieuwe Africa Twin. Een mogelijke opvolger voor mijn Varadero. Honda had er 4 neergezet, een witte met Dakar-achtige striping, een donkergrijze en een zwarte, waardoor de vlammend rode Twin er nog beter uitsprong. Nadat ik erop was geklommen, bleek de zithoogte nog wel mee te vallen, ik kon gewoon met m’n voeten bij de grond. En terwijl ie zo op de bok stond daaro, zat ie ook best fijn. Terwijl ik nog wat zat te pielen met de knopjes van de automaat en de handrem (die is tegenwoordig verstopt in het koppelingshendeltje), zag ik vanuit mijn ooghoeken een paar koplampen naar me lonken. In de hoek, verstopt achter een opengewerkte dubbelekoppelingautomaattechniek stond ie dan: de VFR 1200. In tegenstelling tot de Africa Twin is bij de VFR het technische gedeelte netjes weggewerkt achter de kuipen, waardoor de motor een bonkig en lomp aanzien krijgt. Waanzinnig, wat een plaatje! Het ietwat ielige kippenkontje werd netjes gemaskeerd door een driedelige kofferset in kleur, waar ik met een grote slinger m’n been overheen gooide, om het maagdelijk metallic wit streepvrij te houden. Zodra ik ging zitten, viel alles op z’n plek. De zithouding die je wat voorover laat buigen, waardoor je handen als vanzelf op het stuur vallen. Ik zag mezelf al helemaal gaan, knietjes tegen de brede tank aangedrukt en de automaat in sportstand. Wel jammer dat ik in de verte m’n knieën hoorde roepen “doe het niet!”, want zij waren de reden dat ik mijn VFR uit het vorige millenium inruilde voor een model met een wat relaxtere zithouding. Nadat Wingman me weer had terug gesleept naar de knievriendelijkere Africa Twin, kwam er nog een verkoper bij voor wat uitleg. De software van de automaat is alweer verder ontwikkeld, bij een eerste proefrit kon ik de overgang van de eerste naar de tweede versnelling nog wel voelen, maar dat is bij de nieuwe modellen helemaal over. En ook met die niet-zo-lange mensen is rekening gehouden, want behalve een verstelbaar zadel (waarmee de zithoogte varieert van 870 tot 850 mm) is er ook een verlaagd zadel, waardoor de slechts 820 mm hoog zit. Op een zadel dat aan de voorkant wat smaller is voor het offroad gevoel, en aan de achterkant wat breder voor een comfortabele zit op de lange afstanden. Heel fijn allemaal, maar toen hij begon over een offerte was het tijd om te gaan. Eerst nog even sparen, want full options, en voor minder doe ik het natuurlijk niet, kost ie zo’n 16.000 eipo’s *smiley die aan z’n kin krabt* eerst thuis maar eens mijn saldo nakijken. Na zo’n dag slenteren was het tijd voor een goede maaltijd en wat evaluatiegesprekken, en waar kan dat beter dan aan tafel bij Casa di Mama? Onder het genot van een grote stapel pannenkoeken werden alle hoogtepunten nog eens doorgesproken, en toen was het echt tijd om op huis aan te gaan.
Want maandag mochten we alweer op tijd aantreden in de duinen van Heemskerk. Vorige week reden we daar nog met een viertal rode auto’s, nu mochten wij saampjes het laatste restje opruimen. Het sprookjesachtige wit van vorige week was weggespoeld door het druilerige weer. De zilverberken staken schril af tussen de donkere bomen en het donkergroene gras. Gelukkig was het nu wel wat rustiger met wandelaars. Wat de Schotse Hooglanders ook doorhadden, want die lieten zich nu ook wat meer zien. Een kleine kudde liep zelfs vlak voor ons langs de platenbaan, maar door het geklapper van de platen sloegen ze op hol voordat ze met hun horens krassen in jouw aluminium plaatwerk konden maken. Wel lekker hoor, zo’n dagje alleen, kon ik mooi radio luisteren. Alhoewel, lekker *smiley die achter z’n oor krabt* er was weer genoeg om me druk over te maken. In het grote spel dat ‘Milieu’ heet, is er weer een Zwarte Piet uitgedeeld, dit keer aan eenzame mensen. Uit onderzoek is gebleken dat mensen die zich eenzaam voelen, onbewust het koude innerlijk proberen op te warmen door warmer te douchen en de kachel een paar graden hoger te zetten dan mensen die zich niet eenzaam voelen, en daarmee dus meer energie verbruiken en kolencentrales harder laten draaien *smiley die diep zucht* wat word het volgende? Dat de aardbevingen de schuld zijn van het gebonker van verliefde stelletjes? Vervolgens was er goed nieuws voor het Oud Hollandsche Landvarken. Een ras dat bijna is uitgestorven, maar gelukkig, een donorzeug had na een geslaagde embryotransplantie 21 Landvarkenbiggetjes geworpen. Heel fijn hoor, dat we op die manier proberen vanalles te bewaren voor het nageslacht. Maar dat ras staat niet voor niks op uitsterven. En dan meteen 21 biggetjes. Ik dacht dat er vroeger zo’n beetje de helft in een worp zaten *smiley die aan z’n kin krabt* naar de moderne techniek dan maar: uit onderzoek is gebleken dat als je een betrouwbare auto voor langere tijd wilt, je het beste een Volvo kunt nemen. Die eindigde nog boven Saab en Mercedes. Wat mij verbaasde was dat er geen Land Rover of Ferrari en Aston Martin in de top 3 stonden. Die eerste is zowat niet stuk te krijgen, en die exoten worden steeds weer gerestaureerd, zelfs als ze aan puin worden gereden. Uit het korte nieuwsbericht dacht ik op te maken dat ze hadden gekeken naar modellen met benzine motoren in combinatie met de kilometerstand. Duidelijk, Land Rovers zijn meestal diesels, en die exoten maken alleen een halve kilometer als ze uit de garage vandaan naar de trailer worden geduwd. Ondertussen waren we lekker op stoom. Bleven we vorige week steeds op 4 vrachten hangen, nu lukte het nog om een vijfde te laden. Toen we voor de laatste keer die dag onderweg waren naar het stort, op de op-/afrit Heemskerk/Uitgeest werd onze aandacht getrokken door een busje dat op de afrit Heemskerk achteruit reed. En op de vluchtstrook langs de A9 reed ook al een auto achteruit *smiley die aan z’n kin krabt* een paar weken terug werden we al verrast door een Volkswagen Transporterbusje, dat langs de A7 op de afrit Lambertschaag/Medemblik de bocht had gemist, en een fanatieke koprol had gemaakt. Nu was het eenzelfde soort Transporter die bezig was om z’n afschrijving wat te versnellen, op de zijkant in het water, in de driehoek tussen de af- en de oprit. Politie bellen was niet nodig denk ik, want de bestuurder hing nog in z’n gordel, met een telefoon tegen z’n oor gedrukt. Vergeet eenzame mensen of IVF behandelingen bij Landvarkens, het echte milieuprobleem word veroorzaakt door Volkswagen busjes. Niet alleen vervuilen ze sloten en bermen, er is ook nog eens een heleboel CO2 uitstoot nodig om ze weer op de weg te krijgen.
Dinsdag verruilden we het rustgevende Noordhollandse duinlandschap voor de hectiek van het Fryske Harns. Het is alweer even geleden dat we daar zijn geweest, en dus was er ook weer iets veranderd: voordat je mag beginnen met storten, moet je eerst langs een keet ergens in de buurt rijden, waar een kastje naast de deur hangt, en daar moet je dan je pasje (waar we op de eerste dag van dit project dik een uur mee bezig zijn geweest) langshalen, zodat je bent ‘ingeklokt’. Vertrouwen ze ons dan echt niet meer? Dat als we een bonnetje op tafel leggen met daarop 10 vrachten zand, dat ze dan zo achterdochtig zijn, dat ze zeker willen weten dat die 10 vrachten ook echt gebracht zijn *smiley die achter z’n oor krabt* voor ons was het vooral kostbare tijd die verloren ging, want we mogen alleen tussen 7:00 en 16:00 werken, en met dit geintje duurt de werkdag al zeker 10 minuten korter. Maar ach, even in de file staan voor de brug, en vervolgens weer voor het wegwerkersverkeerslicht, loopt ook al snel op tot 10 minuten, dus wat maakt het dan ook allemaal nog uit *smiley die diep zucht* knop omzetten, meewerken doet het minste pijn. Terwijl we lekker van op- naar afrit aan het toeren waren, hoorden we op de radio dat er een ongeluk was gebeurd met een hoogwerker en een trein, ergens aan de andere kant van het land. De hoogwerker wilde het spoor oversteken, maar daar kwam de trein aangedenderd. Die klapte erop, ontspoorde en werd ongeveer elk kwartier op het nieuws genoemd. Overal ging het over het treinongeluk, waarbij 2 doden waren gevallen. Later werd dat bijgesteld naar 1, alleen de machinist had het niet overleefd. Nog steeds 1 dode teveel, maar toch nog een stuk minder dan bij dat ongeluk in Duitsland. Na het bewerkelijke dagje Harns, namen we een brekerzandje mee richting Noord Holland *smiley die het zweet van z’n voorhoofd veegt* wat een dag! Een stukje troosteten dan maar? Nee, want ’s middags hoorden we dat er plastic in de repen van Mars, Snickers, Celebrations en Mini’s zat. Volgens de directeur van de fabriek in Veghel, waar het vandaan kwam, kon het geen kwaad voor de gezondheid, want het plastic zou vanzelf worden verteerd en afgevoerd door het lichaam. Het enige gevaar was dat er een brokje dwars in je keel kon komen vast te zitten, waardoor je zou kunnen stikken. Even was ik geschrokken, plastic dat niet gevaarlijk is voor je lichaam? Nouja van de andere kant, zulke repen bestaan vrijwel geheel uit kunstmatig toegevoegde geur-, kleur- en smaakstoffen, op die manier bezien is het al kunstof wat je eet. Een stukje plastic meer of minder maakt dan ook niet uit.
Woensdag begon met strooien. Rond 3 uur werden we gebeld, dus waren we mooi voor de spits op pad. Lekker doorrijden, want daarna zouden we weer naar Fryslan gaan. Alleen moesten we dit keer ook een collega meenemen. Een halfuurtje later dan de planner eigenlijk in gedachten had, vertrokken we al carpoolend vanaf de zaak. Wat een nette timing *smiley die z’n duim opsteekt* we kwamen precies op tijd bij de kraan aan. Meestal staat er een file het eerste kwartier, omdat iedereen stipt om 7 uur wil laden, maar nu konden we zonder te wachten in het rijtje aansluiten. Ondertussen was het op het stort wel iets drukker geworden. Voor de beeldvorming: we rijden de toerit op naar de N31, links van ons is het werk waar nog een meter of 5 zand op moet, rechts van ons is het depot en is er verderop een kraan bezig met een sloot die omgelegd moet worden. Aan de linkerzijde word zand gekiept, maar ook korrel, en is eigenlijk maar ruimte voor 2 auto’s, als ze tactisch parkeren. Aan de rechterzijde is wat meer ruimte, maar ook niet al teveel, en ook daar moet tactisch gemanouvreerd worden. En dat alles onder het toeziend ook van de verkeersbegeleider, die zorgt dat wij veilig vanuit het werkvak kunnen oversteken of de weg opdraaien. Terwijl we genoten van het gebabbel van de Friese machinisten op de achtergrond, hoorden we op de radio dat er stemmen opgaan om een ‘hoogwerkerrijbewijs’ te maken, omdat er toch wel veel ongelukken gebeuren met hoogwerkers. Volgens mij een beetje dubbelop, want ik dacht dat er in het ramenwassersgilde en in de bouw al extra papieren nodig waren om met zulke apparaten te mogen werken. En ook werd bekend gemaakt dat de overkoepelende BV achter Perrysport en Aktiesport failliet is gegaan. Meegetrokken door V&D, en blijkbaar niet genoeg mensen met goede voornemens, word ook daar nu de stekker uitgetrokken. Ondertussen zwoegden wij voort. Na 11 vrachten zand konden we nog even een vrachtje schone schelpen meenemen naar de sierbestrating in Winkel. En daarna snel naar huis, een simpel broodje en op bed.
Want ook donderdag werden we weer wakker van de strooitelefoon. Weer iets eerder dan gisteren, alleen moest er nu iets meer gram gestrooid worden. Waren de preventieve rondjes meestal een gram of 7 of 10, nu mochten we er 20 strooien *smiley die aan z’n kin krabt* zal dat iets te maken hebben met die sporen in de berm en die auto die onder begeleiding van de politie op een sleepwagen werd gehesen? Nee dat waren vast mensen geweest die nog een beetje woessieh van het week-doorzagen of de billenavond in de auto waren gestapt. Alhoewel, toen we op pad gingen, was het hier en daar wel wat wittig. Op sommige plekken zelfs zo wit, dat het niet meteen zwart werd achter de auto. Die 20 gram was dus echt wel nodig. Ondertussen reden we zelf ook lekker door. Het is niet dat we elke keer een wedstrijd hebben wie er als eerste terug is op het steunpunt, het is meer dat we proberen om eerder terug te zijn dan die chauffeurs die hun hele auto gaan staan wassen *smiley die met z’n nagels in het stuur zit* als je zonodig je auto schoon wilt houden, ga dan in de winter helemaal niet de weg op. Je kan de velgen wel gaan wassen, terwijl er 4 andere auto’s op je staan te wachten *smiley die staat te stampvoeten* maar zodra je de weg opgaat, worden ze weer zoutig. Maar ach, misschien kwam dat ook een beetje door mijn ochtendhumeur. Na het strooien mochten we richting Amsterdam, voor de afwisseling. Weer eens naar de tunnel bij de Houthavens, grond rijden naar het Groene Schip. En dat begon meteen goed, want de bestelde korrel was nog niet gebracht, en dus moest er eerst wat geimproviseerd worden met een platenbaan. Zo stonden we met een autootje of 8 te wachten. Heerlijk, kon ik mooi alvast een beginnetje maken in m’n boekie. En toen het na de tweede vracht tijd was voor een bakkie, vielen we wederom met ons neus in de appel, want ter ere van haar laatste werkdag, had de schoonmaakster een appeltaart gemaakt voor de werklieden. Nee hoor, geen bezuinigingen gelukkig, deze vrouw ging heel ouderwets gewoon met pensioen. Eigenlijk is dat wel een reden om een borreltje op te drinken, maar op het nieuws hoorden we dat we voorlopig de Duitse biertjes even links moeten laten liggen. Daar schijnen nogal wat restanten van pesticiden in te zitten. Van verschillende kant en verschillende instanties kwamen berichten die mekaar een beetje tegenspraken. De hoeveelheid zou zo klein zijn, dat je 1000 liter per dag moet drinken voordat het gif gevaarlijk zou worden. Een andere instantie zei weer dat het gif bewezen kankerverwekkend is. Mijn conclusie: toch maar eens kijken of ze ook biologische biertjes hebben in de supermarkt. Wat de zaak wel wat ironischer maakte, is dat het nieuws naar buiten kwam ten tijden van het 500jarig jubileum van het ‘Reinheidsgebot’. Al in 1516 hebben de Duitsers een afspraak gemaakt, waarin duidelijk is vastgelegd wat er wel en niet in bier mag. Water, mout, hop, gerst, later is daar nog gist bijgekomen, maar zeker geen pesticiden. De verjaardag is nu bij voorbaat al verpest. Maar goed, na 3 vrachten grond naar het Groene Schip, 4 vrachten grond naar de Noorder IJ Plas, en een grootse commotie voor de Coentunnel vanwege een ongeluk ergens in de tunnel, konden wij nog even een vrachtje zand laden voor een klantje in Obdam. Om daarna huiswaarts te keren, ditmaal wel wat te koken, nog even wat te lezen, en dan lekker de ogen dicht te doen.
Wat maar kort duurde, want al na een uurtje ging de telefoon weer. Net weggezakt in m’n REMslaap, kon ik het bed weer uit, kleertjes aan en op naar het steunpunt. Wat een feest *smiley die een bordje SARCASME omhoog houd* tussen het late verkeer door draaiden we ons rondje, om daarna snel de troep af te spuiten, en zo snel mogelijk weer naar huis te rijden, om toch nog een beetje te kunnen slapen. De voorspelling was dat er ’s ochtends mogelijk weer gebeld zou worden.
Maar verrassend genoeg werd ik vrijdag weer wakker van de wekker. Eindelijk weer eens knap ontbijten, in plaats van een droogsoep-uit-zak en een sigaartje tijdens het rijden. Vandaag gingen we weer terug naar Fryslan. Netjes op tijd stonden we bij de kraan, ook het inklokken ging goed, maar toen kwam op het stort het nieuws dat de shovel in het werkvak naast de toerit maar een vracht of 5 nodig had. En aangezien we met 6 auto’s reden, had hij dat er al in een halfuur in liggen. Dan maar in het depot kiepen, waar nu 2 kranen bezig waren met het omleggen van het slootje. Daar moest ook nog wat zand in, maar geen 12 vrachten in het uur. Een snel telefoontje naar de uitvoerder leerde ons dat er verderop nog een ander stortje was, waar we eigenlijk heen moesten, maar dat werd nog voorbereid op onze komst. Bij het volgende rondje vertelde de shovelmachinist dat we helemaal niet naar dat andere stort zouden rijden, want daar was de fundering nog niet klaar *smiley die aan z’n kin krabt* ja we willen graag werken hoor, maar met al die berichten worden we gewoon zwaar geremd in ons enthousiasme. Op het nieuws hoorden we dat ook andere mensen vaak geremd worden in hun enthousiasme, wanneer ze voor een tunnel stil komen te staan. Jaarlijks zijn er zo’n 11.000 ‘hoogtemeldingen’, waarbij de stoplichten aan gaan en de slagbomen omlaag, zodat een te hoge vrachtwagen het plafond van de tunnel niet beschadigd, wanneer ie er in rijd. Maar vaak is het ook loos alarm, bijvoorbeeld wanneer een afdekzeil klappert en de sensor daardoor denkt dat de vracht te hoog is. Alle verkeer word stilgezet, er moet een mannetje van Rijkswaterstaat komen, die gaat de vrachtwagen met de hand (en met zo’n handige meetstok) nameten, en dan moet of de vrachtwagen via de Rijkswaterstaat-afrit afgevoerd worden, of de chauffeur krijgt een ‘sorry’ en mag met het overige verkeer meerijden de tunnel in. In Harns ligt nu een brug, erg irritant wanneer die met enige regelmaat open gaat, maar voor de hoogte maakt het weinig uit. Dat word een ander verhaal wanneer er straks een tunnel ligt, onder het water door, dan word dat wel een kleine beperking. Ondertussen begon het ons toch een beetje op te breken, die korte nachtjes. Niet alleen werd ik er ietwat humeuriger van, ook jij leek er wel klaar mee te zijn. Het schakelen gaat steeds bruusker, de bug in het rechterraam, waardoor ie niet in 1 keer wil sluiten wanneer ie een stukje open heeft gestaan, lijkt steeds vaker terug te komen, en zelfs de draaiknop van de automaat kraakt wanneer ik wil omschakelen van voor- naar achteruit. Of komt dat door zoutresten? Nouja, nog een klein stukje snoes, nog even een vrachtje zand meenemen naar Schagen, en dan is het echt tijd voor weekend. Echt waar, lekker rustig tegen je betonblokje, genieten van de rust de komende paar dagen.
Paar dagen? Paar uur *smiley die met z’n ogen draait* want ook vrijdag avond mochten we nog even de wereld redden. Slechts 10 gram hoefden we te strooien, dus het viel mee. Laverend tussen de mensen die onderweg waren naar hun weekendactiviteiten, reden we netjes ons rondje. Nog even de boel afspoelen en op huis aan, lekker een tijdje op bed liggen.

Voor het laatste deel van Shirley haar week, KLIK HIER. En like meteen haar pagina, dan gaat ze nog meer stralen.

Reacties