Het leven van een touringcarchauffeur

Chauffeursnieuws

Het leven van een touringcarchauffeur

Ik heb nog een blauwe maandag bij de Wilde, (toen op Coldenhove in Maassluis gestationeerd en thans ondergebracht bij Vreugde Tours,) op een touringcar gereden.

Veel en vaak werden ‘vrachtjes’ geweigerd door chauffeurs omdat ze geen fooien verwachtte! De vracht? 40 mensen met het Down- Syndroom en 10 begeleiders! Ze gingen op vakantie in Friesland en ik mocht ze brengen! Op donderdag kreeg ik mijn rit toegewezen voor de dag erop.
Tevens moest ik twee dagen, tot aan zaterdagavond blijven om hun de dingen te laten zien die van tevoren al uitgestippeld waren.
Het was in de tijd van de Sneekweek en we zouden die zaterdag naar Dokkum en Stavoren gaan. Die avond ging ik zoals besproken na twee dagen naar huis en zou de maandag erop worden afgelost. Het is dan kennelijk goedkoper om met een lege bus heen en weer te rijden dan een chauffeur één zondag uit te betalen?!
Na allerlei dingen te hebben gedaan in Dokkum zouden we dus naar Stavoren gaan om daar nog wat leuke dingen te doen. Als chauffeur ben je tot niks verplicht maar de begeleiders vonden het niet onprettig als ik zo hier en daar een helpende hand toestak. Ik vond het ook niet vervelend om door de microfoon dingen te vertellen over de te bezoeken plaatsen die wel waar zijn of totaal uit m’n duim gezogen waren en dan zag je de begeleiders al grinniken en kwam de rest wat later met hun enorme lachbuien. Kortom, de relatie met de chauffeur was erg goed te noemen, en werd alleen maar sterker als ik, geheel naar waarheid zei nog nooit zo’n leuke groep te hebben gehad.
Nu kun je van Dokkum naar Stavoren op twee manieren rijden; over de saaie provinciale weg en de andere route is die langs het IJsselmeer. Die laatste is een 8 tons weg dus verboden voor bussen maar ik wist dat die dag de Skûtsje’s met elkaar in ‘gevecht’ waren! Dus dat weggetje genomen!
” Jongens, wat we nu gaan doen is verboden maar ik wil dit echt aan jullie laten zien dus zachtjes praten want als de politie ons hoort zijn we de sigaar en moeten we minstens twee jaar de gevangenis in?” Een speld kon je horen vallen op dat vijf kilometer lange weggetje en er hadden al twee begeleidsters in d’r broek gezeken van de ingehouden lach. Een zucht van verlichting ging door die bus toen we weer op de gewone route terecht kwamen. Ook Stavoren werd een succes en toen we daar vertrokken moest ik onderweg tegen deze mensen vertellen dat ik die avond naar huis moest. Sommigen begonnen te huilen weer anderen begonnen te zingen; “huilen is voor jou te laat” en “Auf Wiedersehen”. Bij het hotel gingen er zo’n 20 à 25 man voor die bus staan want ik mocht niet weg!! Ik kreeg van een van hen een beertje in m’n handen gedrukt want dan hoefde ik het hele eind niet alleen terug en had ik dat beertje als gezelschap opdat ik hen niet zou vergeten. Dat doe ik ook niet want dat beertje heb ik nog steeds.

Met dank aan Aad Alleblas.

Reacties