Hoe een bloemenman kapotgemaakt werd door de maffia

Hoe een bloemenman kapotgemaakt werd door de maffia

De maffia richtte op de bloemenveiling tientallen handelaren en transporteurs te gronde. ‘We gingen er stukje bij beetje aan onderdoor.’

Kamerplanten. Tuinplanten. Snijbloemen. Seizoensproducten die erg in trek zijn rond, pakweg, kerst of Valentijnsdag. Broers John en Jan van Ballegooijen hadden met hun exportbedrijf een goedlopende handel naar vele landen in Europa.

Op de loonlijst stonden 36 medewerkers, zelf verdienden ze een goed belegde boterham en de jaaromzet beliep zo tussen de vijftien en zeventien miljoen euro.

In de tweede helft van 2008 leek het ook nog mee te zitten, toen een Italiaan op zoek was naar betrouwbare leveranciers voor vijf klanten uit Zuid-Italië. ‘Mike’ of ‘Domenico’, zoals hij zich liet noemen, had op de bloemenveiling in Naaldwijk, nevenvestiging van die in Aalsmeer, gehoord van de uitstekende reputatie van Gebr. Van Ballegooijen BV, met vestigingen in Wijk en Aalburg en Naaldwijk.

Snelle betalers
De broers vroegen wat ze altijd vroegen over de betalingsdiscipline van de afnemers en controleerden die finan-ciële moraal vervolgens nauwgezet in de daartoe ingerichte systemen van het bedrijfschap voor de bloemengroothandel. Alle vijf bedrijven bleken er prima statistieken op na te houden.

‘Het waren snelle betalers, zagen we. De oudste facturen hadden elf dagen opengestaan,’ zegt John van Ballegooijen. ‘Het zag er goed uit allemaal.’ De handel kwam soepel op gang, vanaf september 2008.

Eerste bestellingen voor tussen de acht- en tienduizend euro per klant werden vlot na levering afgerekend. Naarmate de kerst naderde, namen de orders flink in omvang toe. Partijen van tachtigduizend euro of een ton waren geen uitzondering. Zeker als er dure kerstdecoraties bij zaten, ging het hard. Elke doordeweekse dag gingen vrachtwagens zuidwaarts; ’s maandags was het geld dan al binnen. ‘Je bouwt vertrouwen op, maakt je niet snel zorgen meer.’

‘Megaveel’
Een transportbedrijf uit Aalsmeer trad op als de huistransporteur van de Zuid-Italiaanse afnemers. ‘Wij hadden daar geen problemen mee, want de klanten betaalden het vervoer. Prima.’

In januari en begin februari 2009, in de aanloop naar Valentijnsdag, bestelden de vijf afnemers ‘megaveel’. Niet zo verwonderlijk. San Valentino (op 14 februari) is in Italië nogal een issue, net zoals overigens La festa della donna (Vrouwendag), Moederdag en Allerzielen. ‘In de week voor Valentijn werden echt héél veel snijbloemen besteld en wij hebben die geleverd. Eén wagen vol rozen doet zomaar een ton.’

Zowat terwijl de vrachtwagens nog onderweg waren, realiseerden de broers zich dat ze de laatste, heel grote bestellingen nog niet betaald hadden gekregen. Vreemd. Een medewerker bereikte uiteindelijk tussenpersoon ‘Mike’ met wie het ooit allemaal was begonnen. ‘Het zit fout, jongens. Het zit fout, zei hij na dat telefoontje.’

Uitgelachen
De man had gezegd dat het bedrijf de betalingen beter kon vergeten. Verhaal halen zou onverstandig zijn, want hij was van de ‘Ndrangheta: de beruchte maffia uit Calabrië, in de punt van de Italiaanse laars. De broers bleven zitten met een verliespost van 3,2 miljoen euro. Drie komma twee miljoen euro.

Broer Jan reisde met een medewerker naar kwekerscentrum Latina Sabaudia onder Rome, waar ze lege vrachtwagens en busjes troffen, en naar Bari, waar een kweker ze waarschuwde niet verder te zoeken omdat ‘het niet goed zou komen’ omdat de maffia ‘overal is’.

Voet aan de grond
In Zuid-Italië troffen ze in kleine plaatsjes vers geleverde handel van concurrenten én het verhaal dat de handel van de broers voor de helft van de waarde was verkocht. In Napels werden ze uitgelachen. Hun werkelijke afnemers zouden ze nooit vinden.

‘Het werd snel duidelijk dat de kleine afnemers aan wie wij altijd dachten te leveren, niets met de bestellingen te maken hadden. De maffia had hun btw-nummers en hun kamer van koophandelregistraties misbruikt tegenover ons,’ zegt Van Ballegooijen. ‘In een winkel van driehonderd vierkante meter voel je wel aan dat die niet voor een ton aan rozen verkoopt.’

De broers deden 31 maart 2009 aangifte van grootscheepse oplichting bij de politie in Naaldwijk. ‘Nooit meer iets van gehoord. Ze hebben er gewoon helemaal niets mee gedaan.’ De Belastingdienst, de Fiod: nergens kregen de broers voet aan de grond.

Italiaanse voorvluchtige
In de nacht van 20 op 21 augustus 2009 leek het even mee te zitten toen een arrestatieteam tussenpersoon ‘Mike’ alias ‘Domenico’ in Aalsmeer van zijn scooter trok. In werkelijkheid bleek hij Gianluca Racco te heten en te worden gerekend tot de dubieuze top 100 van Italiaanse voortvluchtigen.

Hij bleek een vooraanstaand lid van de beruchte Commissofamilie in de ‘Ndrangheta en was in 2004 in Italië tot levenslang veroordeeld voor moord, poging tot moord, lidmaatschap van de maffia, (vuur)wapenbezit en drugshandel.

Van Ballegooijen, hoofdschuddend: ‘Onze kroongetuige werd meteen aan Italië uitgeleverd. Zaten we wéér met lege handen!’ Het in Aalsmeer gevestigde vaste transportbedrijf van de afnemers had inmiddels nog een ‘verzamelfactuur’ van 89.000 euro gestuurd.

Rollercoaster
Onderzoek wees uit de transporteur deels eigendom was van de Crupi-clan – die in de hiërarchie van de ‘Ndrangheta net onder de Commisso’s hangt. Het kostte de broers Van Ballegooijen vijf jaar van moeizaam procederen om hun gelijk te halen tegenover het vervoerbedrijf.

Te weinig, te laat. In februari 2014 ging Gebr. Van Ballegooijen BV failliet. John en Jan werken inmiddels in loondienst voor een collega.

Johns woede is voelbaar als hij voor de zoveelste keer zijn verhaal vertelt. ‘In april dit jaar kwam de recherche op verzoek van de Italiaanse justitie ons eens vragen stellen. We hebben ze alle ins en outs verteld, maar niets meer gehoord. Echt, de hele rechtsgang in Nederland – het is een enorme teleurstelling. Alle instanties die ons uit die rollercoaster hadden kunnen halen, hebben het laten afweten.’

Pure diefstal
Hij vervolgt: ‘Omdat we aanvankelijk vermogend waren, hebben wij het jaren kunnen rekken tot we failliet gingen, waar tientallen anderen meteen stuk waren. Járen vechten tegen de ondergang die toch kwam, heeft onze levens kapot gemaakt. Van onze gezinnen, van onze kinderen. We gingen hier stukje bij beetje aan onderdoor; staan ermee op en gaan ermee naar bed. Niemand stak een hand uit.’

(www.parool.nl)

Reacties